Inline Skaten

Wedstrijdreglement

Wedstrijdreglement Van Lingen Skates Competitie 2011

Algemeen

De jury hanteert voor de Van Lingen Skates Competitie het Algemeen wedstrijdreglement 2011 (versie februari 2011) zoals deze door de KNSB is vastgesteld en is na te lezen op www.knsb.nl

Fair Play

Bij alle skeelerwedstrijden, dus ook in de Van Lingen Skates Competitie is sportief gedrag natuurlijk heel belangrijk. Laat dus in de wedstrijden altijd sportief gedrag zien. Trek niet aan andere rijders of hinder ze niet opzettelijk. Dat je elkaar soms een beetje aanraakt, bijvoorbeeld om te voorkomen dat je tegen elkaar opbotst is natuurlijk niet erg. Wat wel erg is, is om bij de eindsprint met opzet van de lijn waarin je rijdt af te wijken om zo te voorkomen dat een andere rijder je kan inhalen.

Wanneer je een rondje achterstand hebt, is het verstandig om de anderen die sneller zijn binnendoor te laten komen. Lig je een rondje achter, rijd dan wat meer aan de buitenkant van de baan. Als je niet in de gaten hebt dat ze je inhalen, moet je niet plotseling naar buiten gaan. Je kunt dan beter gewoon blijven rijden waar je rijdt, omdat je anders soms ongelukken veroorzaakt.

Skeeleruitrusting

Voor de skeeleruitrusting zijn de volgende zaken van belang:

  • De deelnemers dienen ter identificatie drie vaste nummers te dragen en wel op de rug (ca. 25 x 25 cm) en aan de buitenzijde van het linker en rechter bovenbeen (ca. 12.5 x 12.5 cm), zo laag mogelijk boven de knie.
  • Een skeeler mag maximaal 6 wielen bevatten, elk met een maximale doorsnede van 110 mm. Voor de categorieën Pupillen 2,3 en 4 geldt een maximale doorsnede van 90 mm. De maximale lengte van een skeeler (inclusief wielen) mag daarnaast 50 cm bedragen.
  • Het dragen van een deugdelijke en goedbevestigde helm is verplicht ten tijde dat een rijder zich met skeelers op het parkoers bevindt.
  • Het wordt dringend aanbevolen tijdens de wedstrijd voldoende beschermende materialen te dragen zoals elleboogbeschermers, knie(- en scheen)beschermers, handschoenen, cq. polsbeschermers en een (ook voor anderen) veilige en goedbevestigde bril. Polsbeschermers met harde onderdelen zijn niet toegestaan.

Wedstrijdvormen

Skeelerwedstrijden kennen een enorme variatie aan wedstrijdvormen. In de wedstrijden van de Van Lingen Skates Competitie staan o.a. op het programma: tijdrit, in line, series, afvalkoers, puntenkoers, en punten/afvalkoers.

Uitslag

De winnaar van een afstand krijgt 1 punt, nummer 2 krijgt er 2 etc. Degene die na drie afstanden de minste punten heeft, is dagwinnaar. Bij een gelijk aantal klassementspunten is de hoogst behaalde klassering in een wedstrijd van die competitie bepalend. Indien dit gelijk is dan is het aantal malen dat deze hoogste klassering is behaald bepalend. Is ook dit gelijk dan is de op 1 na hoogste klassering bepalend, etc.

Wanneer je door omstandigheden maar twee van de drie wedstrijd­onderdelen rijdt, kun je in het eindklassement van de wedstrijd nooit voor iemand eindigen die alle drie de wedstrijden heeft gereden, zelfs al was je twee keer eerste. We lossen dit meestal op door je 99 punten te geven voor het wedstrijdonderdeel dat je niet hebt gereden.

Voor het competitieklassement ontvangt de winnaar van de dagwedstrijd 30,1 punten, de nummer 2 krijgt 25 punten, nummer 3 krijgt 21, nummer 4 18 punten, nummer 5 16, nummer 6 15 en zo door tot nummer 20 die 1 punt krijgt. Was je 21e of lager, dan krijg je 1 punt. Bij de pupillen 4, 3 en 2 wordt na zes wedstrijden het klassement opgemaakt. Daarbij wordt het slechtste resultaat van een rijder afgetrokken. Als je dus een keer niet meegedaan hebt, is dat je slechtste resultaat want dan krijg je 0 punten. De rijder met de meeste punten is de winnaar van de competitie. Je kunt wel op het podium komen als je twee wedstrijden hebt gemist: als je maar meer punten hebt dan nummer 4. De laatste wedstrijd is wel verplicht.

In elk boekje worden uitslagen en standen opgenomen. Als je ziet dat er fouten in deze gegevens zitten, meld dit dan even bij het wedstrijdsecretariaat.

Voor de pupillen 1, kadetten en junioren is de opmaak van het competitieklassement hetzelfde, alleen zijn er voor hen maar vijf wedstrijden.

Tijdrit (sprint)

Vanwege de elektronische tijdwaarneming mag je bij de tijdrit zelf de start bepalen nadat de scheidsrechter je daarvoor het teken heeft gegeven. Pas als je de startlijn passeert drukt de starter op de toeter om zo de tijdwaarnemers te laten weten dat ze de stopwatch moeten indrukken.

Bij de finish telt het eerste wieltje van de eerste skeeler die op het asfalt de finishlijn passeert. Als je dus je skeeler niet op het asfalt hebt bij de finishlijn, telt pas je tweede skeeler. Als je met beide benen over de finishlijn springt ben je dus eigenlijk helemaal niet gefinished. Let op: dit geldt bij (bijna) alle wedstrijden.

Series

Wanneer er een korte afstand op het programma staat, bijvoorbeeld een 500m, dan wordt die afstand meestal niet met de hele groep tegelijk gereden, maar in kleine groepjes (‘series’) van zes tot tien rijders. De indeling van die series gebeurt aan de hand van loting (als het het eerste wedstrijdonderdeel is), of aan de hand van een eerder wedstrijdonderdeel, of aan de hand van het klassement.

Loting is het eenvoudigst. Iedereen levert zijn startkaart of een nummer in, de scheidsrechter schudt de kaarten en trekt er zes (of iets meer) kaartjes uit. Bij een indeling aan de hand van een eerder verreden wedstrijd of klassement, komt de nr. 1 in serie 1, nr. 2 in serie 2, nr. 3 in serie 3, nr. 4 ook in serie 3, nr. 5 in serie 2, nr. 6 in serie 1 evenals nr. 7, nr. 8 in serie 2 etc. De jury gaat als het ware als een slang door de uitslag of het klassement van de voorgaande wedstrijd om de series in te delen.

De klassering van de series gaat als volgt. De eerst aankomende (soms de eerste twee aankomenden) uit een serie wordt geplaatst in de A-finale die uiteindelijk zal bestaan uit net zoveel rijders als in de grootste serie. Minimaal een plaats in de A-finale wordt ingevuld door de snelste verliezer.

Een voorbeeld. Bij 10 deelnemers worden er 2 series van 5 rijders verreden. De nrs. 1 en 2 plaatsen zich voor de A-finale en ook de snelste nr. 3 zodat de A-finale uit 5 rijders bestaat. Bij 22 deelnemers verdeeld over 4 series zal de A-finale uit 6 rijders bestaan. Dus de nr. 1 uit elke serie, aangevuld met de 2 snelste nummers 2. De overige rijders worden op basis van de gereden tijden in de B, C of D-finale geplaatst als die wordt verreden. Soms word je op basis van je tijd in de eerste serie meteen in de uitlsag opgenomen (‘geklasseerd’).

Puntenkoers

In een puntenkoers gaat het erom punten te verdienen. Wie de meeste punten heeft is winnaar. Punten kun je behalen in de tussensprints tijdens de wedstrijd en in de eindsprint. Bij de tussensprint - die een ronde van tevoren door de bel worden aangekondigd – krijgt de winnaar 2 punten en de nummer 2 krijgt 1 punt. In de eindsprint krijgen de eerste drie aankomenden punten: de nummer 1 krijgt 3 punten, de nummer 2 krijgt 2, de nummer 3 krijgt 1 punt. Maar: als er een rijder is met een ronde voorsprong, dan wint die de wedstrijd, ongeacht het puntenaantal. Heb je een ronde achterstand op de koplopers, dan vervallen je eventueel behaalde punten. Bij een gelijk aantal punten, tellen de punten in de eindsprint zwaarder.

Afvalwedstrijd

In een afvalwedstrijd valt om de zoveel ronden de laatste rijder (of rijders) af. De jury kijkt naar het eerste wieltje van je achterste skeeler. Van tevoren hoor je van de scheidsrechter over hoeveel ronden de wedstrijd gaat en wanneer de afvallingen zijn en hoeveel rijders er dan uit de wedstrijd worden gehaald. Uiteindelijk rijden de overgebleven rijders (meestal vijf) een of meer finaleronden. Wie dan het eerst bij de finish is (eerste wieltje voorste skeeler) die wint de wedstrijd. Pas op: als je het hele peloton een ronde inhaalt, dan kun je weer net zo goed afvallen!

In line

Bij een wedstrijd in-line starten alle deelnemers tegelijk. De opstelling bij de start is hetzelfde als bij de series.

Punten/afvalkoers

In een punten/afvalkoers gebeuren twee dingen tegelijk. Voorin vallen punten te verdienen voor de eerste rijder in tussensprints, terwijl achterin het peloton de laatste uit de wedstrijd wordt gehaald.

Prijzen

Bij elke wedstrijd zijn voor de eerste drie van elke categorie prijzen te verdienen. Voor het eindklassement zijn er in elk geval voor 1/3 van het aantal deelnemers aan de finale eindprijzen beschikbaar. De jury heeft het recht dit aantal te verhogen voor bepaalde categorieën, bijvoorbeeld als stimulans voor de allerkleinsten.

Vragen of onduidelijkheden

Als je iets niet begrijpt vraag dan je ploegleider om uitleg en als die het niet weet kan die het aan de hoofdscheidsrechter vragen. Kijk wel een beetje uit wanneer je het vraagt want de jury heeft het vaak erg druk, dus wacht even tot de pauzes.

Wanneer je het niet eens bent met een beslissing van de jury, kun je dat via je ploegleider aan de hoofdscheidsrechter laten weten. Ga dus niet zelf naar een jurylid. Dat geldt ook voor je ouders!

De jury roept de uitslagen van de wedstrijdonderdelen en de daguitslag om. Protesten daartegen moeten binnen een half uur na het omroepen worden gemeld bij de scheidsrechter.

De uitslagen van de wedstrijden en de klassementen zijn een dag na de wedstrijden hier op knsbgroningen.nl te vinden. Mochten jullie een foutje ontdekken in deze uitslagen stuur dan even een mail naar secretariaatvanlingen@planet.nl. Het secretariaat zal dit dan nakijken en eventueel aanpassen.